Een klein beetje geweldig

Nu in de boekhandel

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

Columns

Taal als goddelijk monster

Bevreemdende talen

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

De dwingelandij van de deadline

Een lieve dame vroeg me onlangs wat ik nu het mínst leuk vond aan freelance vertalen. Ik had niet direct een antwoord klaar. Ik heb het niet zo begrepen op deadlines want die bepalen een veel te groot stuk van je leven, maar als ik dát even gauw moest uitleggen. Ik was al blij dat ze me die vraag niet had gesteld toen ik nog achter de lessenaar stond maar dat ze verlegen genoeg was om te wachten tot bij de afterborrel. Ik stamelde dus maar dat ik álles leuk vond. Een grove leugen natuurlijk, want ik heb écht een hekel aan deadlines. Toch? Zijn het wel de deadlines die het leven van een freelancer bepalen? Toen ik vanmorgen mijn dagboek van de laatste paar maanden nog eens overlas, sloeg ineens de twijfel toe:

14 februari
Valentijn. Net terug van de begrafenis van mijn schoonvader. Beetje bibberig nog, maar toch even e-mail checken voor ik naar Bedlehem ga. Offferteaanvraag, nieuwe klant, 12 cent per woord, dié moet ik binnenslepen! Wil wel voluit voor het literaire gaan, maar moet ook eten, natuurlijk. Aannemen, die handel!

30 maart – twee uur ‘s nachts
Pfff. Na de dood van mijn schoonpa meer gepiekerd dan vertaald. Een beetje in tijdnood nu. Die deadline dus, ja, móet ik halen, moet die klant zeker hier houden, betaalt goed. Komaan, doordouwen. Mensen sterven nu eenmaal, that’s life. Even een tandje bijsteken, een nachtje doordoen en hupsakee, op naar de volgende. Ik krijg dit wel af tegen morgenavond, geen probleem!

30 maart – zes uur ‘s morgens
Sloten koffie geslurpt, een paar extra peuken gepaft, stilaan min of meer op schema om dat ding nog net op tijd af te werken. Shit! Telefoon! Daar gaat de vertaaltrance. Wat nu weer? Ons ma, dood.

4 april
Net terug van de begrafenis. Komaan, kop op. Was écht niks aan te doen, was al zo lang ziek, moest er toch van komen. Leuk mailtje gekregen van die twaalfcentklant. Vond mijn vertaling geweldig! … So what?

5 april – één uur ‘s middags
Facebookbericht uit Nederland, of ik een halve roman wil vertalen! Néderland. Fictie! Túúrlijk, wat dacht je? Geen probleem! Gewoon even verstand op nul. Dóórdouwen.

5 april – tien uur ‘s avonds
Mis ons ma. Voel me vreselijk. Voel me euforisch! Een Néderlandse uitgever. Moet naar de dokter, ben manisch-depressief.

21 april
Uren op het kerkhof rondgezwalkt. Telefoontje gekregen van Vlaamse uitgever, of ik een Frans boek wil vertalen. Jezus, man, ik krijg nog geen Engels boek vertaald voor een Néderlandse uitgever. Móet! Nu! Beginnen! Aannemen, die handel!

28 april
Oma gestorven. Geen woorden meer.

28 mei
Nog drie dagen en de maand is voorbij. Zit te wachten op het onafwendbare: vandaag of morgen gebeurt er weer iets wat me helemaal van mijn stuk brengt, wat me ervan weerhoudt een letter op het scherm te krijgen. Maar deze keer kan ik het wel aan: Rilatine gekregen. Voel me net een duracelkonijn. Echt op het ergste voorbereid nu.

29 mei
Begin nu ook bang te worden voor de minder belangrijke zaken: angst dat mijn computer het opeens begeeft en die paar zinnen die ik al vertaald heb naar de verdoemenis stuurt, angst voor die vreselijke deadline: nog een dag of tien om vijftien-, twintig-, dertigduizend woorden te vertalen? Wie zal het zeggen? Weet niet eens hoeveel ik er al vertaald heb, laat staan hoeveel er nog komen.

30 mei – voormiddag
Ben nu toch eindelijk begonnen aan die column voor het ELV. Als die op de bus is, ga ik vertalen, eerst een half boek voor een Nederlandse uitgever, dan een Frans boek voor een Vlaamse uitgever! Go!

30 mei – namiddag
Arm kind. En maar studeren voor dat examen Nederlands. Heeft hulp nodig. Heeft dyslexie. Geen tijd. Moet vertalen. Doet er niet toe. Niet belangrijk. Eerst even gaan uitleggen wat een lijdend voorwerp is.

Lieve dame, beetje laat, maar toch nog een antwoord: het zijn niet de deadlines die je de das omdoen, het zijn de dagdagelijkse dingen des levens die je uit je evenwicht brengen. Wat ik het minst leuk vind aan dat freelance vertalen? God ja, een héél klein dingetje misschien: het leven zoals het is buiten de vertaaltrance. Jammer genoeg heb je dát niet in de hand terwijl het nu net voortdurend in wisselwerking staat met je vertaalwerk, én er voortdurend mee in conflict ligt. Uiteindelijk is er dus maar één juist antwoord op jouw vraag: dwingende deadlines!

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

Ons brein

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

Ervaring delen

Mijn tweede column voor het ELV vind je hier: Deel je ervaring!

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

Column

Het Experisecentrum Literair Vertalen vroeg me om in 2011 enkele columns voor hun site te schrijven. Deze week verscheen mijn eerste column:

http://literairvertalen.org/eerste_literaire_vertaalstap/index.php

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

When the lady smiles: Amazing Grace

De aftrap van de 26ste Night of the Proms is er eentje voor in de geschiedenisboeken: de klank zat van bij het begin helemaal goed, een indrukwekkende setting met vijf aparte podia en een centrale lift, de opening was visueel zeer sterk… Zelfs de artiesten deden wat ze moesten doen (en soms meer dan dat).

 Precies op tijd bijt Il Novecento de spits af met een medley van de songs uit de playlist, gevolgd door Strauss’ An der schönen blauen Donau. En dan verschijnt er een jongeman op het podium: James Dean is alive! In zwarte spijkerbroek, compleet met wit T-shirt én viool. Charlie Siem, de 24-jarige Britse virtuoos, is ook nog eens driedubbel in zwart-wit te bewonderen. Vooral de eerste rijen dreigen in katzwijm te vallen, maar vanaf mijn stoel mag hij er ook wel wezen.

Daarna moeten we het even stellen met Boy George die in een groengeelrode omgeving met Victims en Do you really want to hurt me laat horen dat hij het een beetje moeilijk heeft met de hoge nootjes. Dan liever het koor Fine Fleur dat Abu Hassan inzet, een eenakter van de hand van Carl Maria von Weber. Magistraal was dat, maar als Grace Jones op ons nederdaalt in een, euh, witte jurk (om maar eens een understatement te gebruiken), zijn we echt helemaal van de wereld. De diva, 62 ondertussen, geeft ons het wondermooie Willilams’ blood, uitmondend in een zeer toepasselijk stukje Amazing Grace.

De Proms worden vaak een huwelijk tussen klassiek en pop genoemd, een omschrijving die je dit jaar letterlijk mag nemen: terwijl dirigent Robert Groslot – afgelopen zomer in het huwelijksbootje gestapt – zijn orkest door de Bruiloftsmars van Mendelssohn leidt, krijgen de bezoekers op de vijf schermen hun eigen trouwfoto’s voorgeschoteld. Vooral voor de mensen die op voorhand hun foto’s hebben doorgemaild, is dit hét kippenvelmoment. Al krijgen de ‘groupies’ op de eerste rijen ook waar voor hun geld want daar is Charlie alweer. Samen met Mister Proms himself brengt de violist een beklijvende versie van Mack the Knife.

Tot Grace Jones ook tijdens haar tweede doortocht de heren van het podium komt blazen met Libertango (beter bekend als I’ve seen that face before). Ze moet gedacht hebben dat een tango zonder partner nu ook weer niet je dat is: de houten man die ze het podium rondsleurt laat het zich allemaal welgevallen. Hij kan het natuurlijk niet aan zijn hart laten komen, maar het publiek ontvangt zelfs hem een beetje lauwtjes. De sfeer raakt er niet in, de zaal ondergaat. Ook na het toch wel fantastisch uitgevoerde Capriccio Italien van Tchaikovsky volgt enkel een beleefd applausje. Ik begin me stilaan af te vragen wat het Sportpaleis nodig heeft om er een echt daverend spektakel van te maken.

John Miles misschien? Welja, kijk, bij Music ontwaar ik zowaar toch enige vervoering in de zaal en als diva Jones in een roze outfit op het einde van La vie en rose met de billen bloot ons la vie en noir toont, zou je zelfs kunnen stellen dat er bij de toeschouwers enige vorm van hilariteit te bespeuren valt. John Miles roept ons daarop terug tot de orde van de avond: The show must go on. En gelijk heeft ie, want ziedaar: het wonder geschiedt! De mystery guest heeft nochtans een zware taak te vervullen. Hij of zij moet ons doen vergeten dat dit onderdeel vorig jaar schitterde door afwezigheid en dus minstens voor twee tellen. Goed gecast zou ik zeggen: de speciale gast van vandaag telt wel voor tien. Naar eigen zingen heeft de man, met zijn handen zwetend rond het stuur geklemd, de hele avond gereden om toch maar die dame te zien lachen. (Heb je’m? Dan kom je zeker in aanmerking voor een gouden oorbel :-) ). Dames en heren, the one and only … Barry Hay! U kunt nu uit de bol gaan … oeps, daar gaat het nieuwe, blauwe dak.

Of je nu liever Radar Love hoort of je hebt het meer voor When the lady smiles: het is er allebei boenk op. Verdomd jammer dat de Golden Earringfrontman plaats moet maken voor Charlie Siem, dit keer in duet met Patrick De Smet van de Electric Band. Boy George maakt ook opnieuw zijn opwachting. We vrezen het ergste, maar kijk (of liever luister): wonderwel werkt een minimalistische versie van Karma Chameleon zowaar wél. Op de catwalk in het midden van de zaal, geflankeerd door zijn gitarist en de drie backing vocals doet hij er nog een cover van Always on my mind bovenop die ik zelfs ‘mooi’ vind, al hoop ik stiekem dat hij de volgende dagen toch iets straffers uit zijn groene hoofddeksel tovert.

Na de pauze toont Grace Jones zich nog steeds zeer fit voor haar leeftijd. Hoelahoepend in een zwarte maillot en met een witte stralenkrans op het hoofd zingt ze ook nog Slave to the rythm. De dame jaagt op haar eentje de ticketprijzen de hoogte in, er moet speciaal voor haar een lift geïnstalleerd worden zodat ze met haar outfits het podium opgeraakt, haar drie meegebrachte costumiers moeten haar garderobe in en uit de kleedkamer krijgen, het is allemaal wat, maar het is het vooral allemaal waard: de doortocht van deze dame is een mijlpaal in de geschiedenis van de Proms. De filmmuziek uit Harry Potter (jammer genoeg zonder de juiste bijhorende beelden) verdwijnt dan ook bijna geruisloos naar de achtergrond.

En dan komt nog de man waar we met z’n allen op zaten te wachten. John Fogerty doet wat hij moet doen en brengt na een klein technisch mankementje Down on the corner, Long as I can see the light, Don’t you wish it was true, Have you ever seen the rain, Bad moon rising en Rockin’ all over the world, maar hoe oerdegelijk ‘s mans performance ook is, hij mist de allure en de extravagantie van een zwarte dame die haar kont laat zien, evenals het rockgehalte van een fantastische mystery guest. De oude rocker heeft anders wel zes (ja, 6) gitaren bij zich en zet bovenal een professionele set neer.

Carl Huybrechts kondigt Land of Hope and Glory aan zodat we weten dat we ons stilaan mogen klaarmaken voor de apotheose. Als orgelpunt volgt een grootse finale waar iedereen zijn best doet om ook een zinnetje uit Proud Mary te mogen brengen, een schitterende afsluiter voor een zeer geslaagde première.

En toch. Geen wind zonder tegenwind natuurlijk: Night of the Proms 2010 kampte in de loop van de premièreavond met een aantal technische mankementen en bewijst (niet voor het eerst) dat het huwelijk tussen klassiek en pop nog het beste standhoudt als er een scheve schaats wordt gereden. Persoonlijk wacht ik al een paar jaar op de scheiding. Wanneer gaat klassiek nu eens eindelijk toegeven dat het van rock houdt?

Night of the Proms – gezien op vrijdag 22 oktober 2010 – Sportpaleis Antwerpen

© Nancy Seghers

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

Bob Geldof: fucking excellent!

Je hebt zo van die ‘oudere’ jongeren die zoveel mogelijk concerten en optredens meepikken in de hoop eeuwig jong te blijven. Ze gaan bij voorkeur kijken en luisteren naar die artiesten die van zichzelf denken dat ze eeuwig jong zíjn: zangers, zangeressen en groepen die je pakweg twintig of dertig jaar geleden al aan het werk zag of waar je toen net niet bij kon.

Je hebt zo van die artiesten die daar mooi op inspelen. Vooral deze zomer was het goed raak, al kan het najaar ook wel tellen. Guns n’ Roses, Aerosmith, Doro, Iron Maiden, ZZ Top, The Dubliners, U2, Prince: allemaal deden ze België aan. Zelfs de doortocht van Engelbert Humperdinck ging niet onopgemerkt voorbij. De oude crooner kuste zowaar een Vlaamse schone en ja hoor: de media snoepten ervan. En dan moeten OMD, Grace Jones, Simply Red, The Scabs, Boy George, Therapy?, Elton John, Michel Sardou en John Fogerty nog passeren.

Tja, zelfs als oudere jongere krijg je toch stilaan de onbedwingbare neiging om luidkeels please, release me aan te heffen, vooral als je een paar van die optredens live hebt meegemaakt. Het zal wel aan onze te hoge verwachtingen liggen. Al heb je hier en daar natuurlijk wel (een paar) zangers die nog stem hebben, enkele zangeressen die er nog goed uitzien, en zelfs groepen met een fantastische show waarin het vuurwerkgekletter vooral verdoezelt dat ze die eigenschappen al lang kwijtgespeeld zijn. En soms, héél soms, heb je zo van die artiesten die de verwachtingen volledig inlossen.

Bob Geldof, de man achter Live Aid, komt tijdens drie concerten zijn langverwachte nieuwe plaat voorstellen. Het wordt de eerste in tien jaar tijd en, geweldig gewoon, de man doet het enkel en alleen in België. Cultuurcentrum het bolwerk in Vilvoorde mocht gisteren de aftrap geven en wij daar naartoe natuurlijk want: we do like ‘Mondays’.

Geldof begon in mineur met een ode aan zijn zus nadat violist Vince Loveday in een verrassend begrijpelijk Nederlands vertaalde dat de vrouw drie dagen geleden kwam te gaan. Nog voor Bob een noot had gezongen, werd je dan ook al fan: kijk, daar staat iemand die ons niet met onze kaarten laat zitten omdat hij zich een beetje flauwtjes voelt of gisteren te diep in het glas gekeken heeft. Een mens zou er emotioneel van worden. In mijn woordenboek noemen ze zo iemand een professional.

Daarna de ontlading met The Great Song of Indifference. Even dacht ik aan een Ierse versie van Bart Peeters, terwijl de man me net voordien, toen hij opkwam, nog een soort Arno zonder sigaret had geleken, en tijdens het middenstuk, mét mondharmonica, kon je met een beetje verbeelding een Paul Michiels zien staan. Muziekgewijs dan, want Bobs mimiek deed eerder aan Mick Jagger denken. Om maar te zeggen dat Geldof echt van alle markten thuis is. Tegen de helft van de prijs die ik vorige week voor mijn Guns n’ Roses-kaarten neertelde, kreeg ik vandaag een mix van folk, country, rock, wereldmuziek met een Afrikaanse inslag, reggae en romantische filmmuziek. Die man is echt niet in een vakje te stoppen.

Uiteraard gaf Geldof enkele Boomtown Rats-songs ten beste. We kregen onder meer de obligate When the night comes, Banana Republic en I don’t like Mondays geserveerd (respectievelijk uit: The Fine Art of Surfacing - 1979, Mondo Bongo - 1981 en nogmaals The Fine Art of Surfacing). Persoonlijk was ik meer gecharmeerd door Bobs betere solowerk, nummers als Walking back to Happyness (Vegetarians of Love, 1990) en Harvest Moon (Sex Age and Death, 2001). Al was hier wel even een klein oponthoud toen Bob dacht dat Screaming in Vain eerst op de playlist stond en de leadgitaar van Johnny Turnbull van slag met een technish probleem te kampen kreeg. “It’s worth waiting for this song. It’s fucking excellent!”Aldus Bob. Hij had nog fucking gelijk ook. Machtig nummer. Toen hij daarna alsnog het verwachte Screaming in Vain inzette (Sex Age and Death), raakte ik hem even kwijt, maar bij One for me (uit hetzelfde album) was ik weer helemaal mee.

Na Mondays stonden enkele vroege Boomtown Rats-songs op de playlist die me meer bekoorden dan wat je gewoonlijk op de radio hoort en min of meer onder de ‘punkrock’-noemer vallen: Joey’s on the Street again (Boomtown Rats, 1977), Mary of the 4th Form (1977) en Rat Trap (A Tonic for the Troops, 1978). Als toemaatje kregen we o.a. Diamond Smiles (The Fine Art of Surfacing) en als uitsmijter gaf Bob ons nog eens zijn Great Song of Indifference.

Het concert was niet helemaal uitverkocht. Jammer en volledig onterecht but I don’t mind at all want Bob Geldof kan nog zingen en ziet er nog goed uit. Dit weekend kun je nog terecht in Hamont-Achel (vrijdag 15 oktober in de Posthoorn, Stationsstraat 9) en in de Stadsschouwburg van Brugge (zaterdag 16 oktober). Give the man a change want IT WAS FUCKING EXCELLENT!

Bob Geldof, gezien en bijzonder goed gesmaakt op woensdag 13 oktober 2010, cc het Bolwerk, Vilvoorde.

2 reacties

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog

Brain tricks

Examens en vakantie achter de rug. Genoeg gelanterfant.
Tijd om mij op het brein en de hersenen te concentreren.
Al is dat niet altijd even eenvoudig want die kunnen je behoorlijk voor de gek houden. Zoals deze tekst (die trouwens vaak gebruikt wordt om te tonen hoe dyslectici een tekst lezen):  

Vlgones een oznrdeeok op een Eglnese uvinretsiet mkaat het neit uit in wlkee vloogdre de ltteers in een wrood saatn, het einge wat blegnaijrk is is dat de eretse en de ltaatse ltteer op de jiutse patals saatn. De rset van de ltteers mgoen wllikueirg gpletaatst wdoren en je knut vrelvogens gwoeon lzeen wat er saatt. Dit kmot odmat we neit ekle ltteer op zcih lzeen maar het wrood als gheeel.
 

 Of deze: 

Nee, de cirkels draaien niet :-) .

Leuk om te ontdekken hoe je plezier kunt beleven aan het vertalen van iets saaiers dan Big History.

Geef een reactie

Opgeslagen onder Nancy Seghers Blog